Menu

Filter by
content
PONT Data&Privacy

0

Grenzen aan de geheimhouding: Radicaliseringsbeelden zijn vaker Woo dan Wpg

In deze procedure staat de weigering van de korpschef van politie centraal om substantiële delen van de rapporten "Veiligheidsbeeld CTER" (Contra-Terrorisme, Extremisme en Radicalisering) uit 2016 en 2017 openbaar te maken. Een eiser had op grond van de Wet open overheid (Woo) verzocht om deze documenten in te zien. De korpschef weigerde dit grotendeels, met de stelling dat de informatie moet worden aangemerkt als politiegegevens in de zin van de Wet politiegegevens (Wpg), waardoor het openbaarheidsregime van de Woo niet van toepassing zou zijn.

Redactie PONT | Data & Privacy 22 April 2026

Juridisch kader: Wpg versus Woo

De juridische strijd draait om de afbakening tussen de Wpg en de Woo. Indien informatie kwalificeert als een ‘politiegegeven’ – dat wil zeggen: een persoonsgegeven dat wordt verwerkt in het kader van de politietaak – dan is de Wpg een uitputtende regeling. Dit betekent dat de Woo dan niet kan worden gebruikt om openbaarmaking te dwingen. De korpschef voerde aan dat vrijwel alle informatie in de rapporten herleidbaar was tot individuele personen en daarmee onder de Wpg viel. Subsidiair beriep de korpschef zich op diverse Woo-uitzonderingsgronden, zoals de veiligheid van de staat en de opsporing van strafbare feiten.

Judgment of the court

De rechtbank Overijssel stelt de eiser in het gelijk en oordeelt dat het besluit van de korpschef onvoldoende is gemotiveerd.

  1. Onjuiste kwalificatie als politiegegevens: De rechtbank oordeelt dat de korpschef niet aannemelijk heeft gemaakt dat alle geweigerde informatie daadwerkelijk tot individuen herleidbaar is. De rapporten bevatten veelal algemene analyses en trends over radicalisering. Het feit dat deze analyses gebaseerd zijn op onderliggende politiegegevens, maakt de geaggregeerde analyse zelf nog geen politiegegeven in de zin van de Wpg.
  2. Gebrekkige Woo-motivering: Ook de subsidiaire weigering op grond van de Woo houdt geen stand. De rechtbank vindt dat de korpschef per onderdeel concreet had moeten maken waarom openbaarmaking schade zou toebrengen aan bijvoorbeeld de staatsveiligheid. Een algemene verwijzing naar de gevoeligheid van terrorismebestrijding volstaat niet voor een categorische weigering van grote tekstblokken.

Conclusie en gevolg

Het beroep is gegrond verklaard en het besluit van de korpschef is vernietigd. De korpschef moet een nieuw besluit nemen waarbij kritischer wordt gekeken naar welke informatie daadwerkelijk onder de Wpg valt en voor de overige delen een deugdelijke belangenafweging in het kader van de Woo moet maken. Deze uitspraak bevestigt dat overheidsinstanties niet te snel mogen schuilen achter specifieke privacywetgeving (Wpg) om algemene beleids- of analyserapporten buiten de openbaarheid te houden.

Share article