Menu

Filter op
content
PONT | Data&Privacy

0

ECLI:NL:RBAMS:2026:7688

Bewezenverklaring van bezit van kinder- en dierenpornografie. Veroordeling tot een gevangenisstraf van 14 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 5 jaren. Bijzondere voorwaarden: meldplicht, ambulante behandeling, vermijden van digitale omgevingen van seksueel kindermisbruik (waaronder ook controle van de gegevensdragers). Onttrekking aan het verkeer van gegevensdragers...

Rechtbank Amsterdam 29 July 2026

Jurisprudentie – Uitspraken

ECLI:NL:RBAMS:2026:7688
text/xml
public
2026-07-29T17:31:40
2026-07-27
Raad voor de Rechtspraak
nl
Rechtbank Amsterdam
2026-07-28
13/351931-25
Uitspraak
Eerste aanleg – meervoudig
NL
Amsterdam
Strafrecht

Rechtspraak.nl

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBAMS:2026:7688
text/html
public
2026-07-28T15:42:01
2026-07-29
Raad voor de Rechtspraak
nl
ECLI:NL:RBAMS:2026:7688 Rechtbank Amsterdam , 28-07-2026 / 13/351931-25

Bewezenverklaring van bezit van kinder- en dierenpornografie. Veroordeling tot een gevangenisstraf van 14 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 5 jaren. Bijzondere voorwaarden: meldplicht, ambulante behandeling, vermijden van digitale omgevingen van seksueel kindermisbruik (waaronder ook controle van de gegevensdragers). Onttrekking aan het verkeer van gegevensdragers met daarop strafbaar materiaal.

vonnis
RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling Publiekrecht

Teams Strafrecht

Parketnummer: 13/351931-25

Datum uitspraak: 28 juli 2026

Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen:

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1958,

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het [adres] .

<br /> 1Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 14 juli 2026.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie, mr. R. Willemsen, en van wat verdachte en zijn raadsman, mr. J.M.J.H. Coumans, naar voren hebben gebracht.

<br /> 2Tenlastelegging

Aan verdachte is – kort gezegd – ten laste gelegd dat hij zich op 22 april 2025 te [plaats] heeft schuldig gemaakt aan

1. verspreiden en/of aanbieden en/of openlijk tentoonstellen en/of vervaardigen en/of invoeren en/of doorvoeren en/of uitvoeren en/of verwerken en/of bezitten en/of zich toegang verschaffen tot kinderpornografisch materiaal;
2. verspreiden en/of openlijk tentoonstellen en/of vervaardigen en/of invoeren en/of doorvoeren en/of uitvoeren en/of in bezit hebben van dierenpornografisch materiaal.

De volledige tenlastelegging is opgenomen in bijlage I die aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten staan, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.

<br /> 3Voorvragen

De dagvaarding is geldig, deze rechtbank is bevoegd tot kennisneming van de ten laste gelegde feiten en de officier van justitie is ontvankelijk. Er zijn geen redenen voor schorsing van de vervolging.

4. Waardering van het bewijs

4.1

Het standpunt van het Openbaar Ministerie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het bezit van kinderpornografisch en dierenpornografisch materiaal op 22 april 2025.

4.3

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

4.4

Het oordeel van de rechtbank

Verdachte is in beeld gekomen via een ander onderzoek, 26Schwaan, naar bezit en verspreiding van kinderpornografie. Hij chatte in juli 2024 onder de gebruikersnaam ‘ [gebruikersnaam verdachte] ’ via Teleguard met de verdachte in 26Schwaan, die als gebruikersnaam ‘ [gebruikersnaam] ’ had. Verdachte schreef dat hij een dochter van zestien jaar had, met wie hij sinds haar elfde zou ‘spelen’ en die hij sinds haar veertiende zou ‘neuken’. Verdachte stuurde hierbij een foto van een naakt meisje van wie hij zei dat het zijn dochter was. In de chat werden door ‘ [gebruikersnaam] ’ foto’s en filmpjes van seksueel misbruik van een meisje van rond de acht of tien jaar naar ‘ [gebruikersnaam verdachte] ’ gestuurd. Naar aanleiding van dit onderzoek vond er op 22 april 2025 een doorzoeking van de woning van verdachte plaats, waarbij meerdere gegevensdragers in beslag zijn genomen. Bij onderzoek naar die gegevensdragers zijn op de telefoon van verdachte en op twee harde schijven in totaal 211.079 kinderpornografische foto’s en filmpjes en 5.246 dierenpornografische foto’s en filmpjes aangetroffen.

Verdachte heeft ter zitting verklaard dat hij indertijd geestelijk behoorlijk in de knoop zat en zich dan vaak afsloot ‘in zijn eigen wereldje’. Hij ging dan zoeken op internet. Verdachte ging in Telegram-groepen en chatte met anderen, omdat hij op zoek was naar foto’s en filmpjes van seksuele aard en/of strekking van tieners. In die groepen werd dan materiaal en soms linkjes naar andere groepen gedeeld. Verdachte klikte op die linkjes en kwam zo in een nieuwe groep terecht. Hij bekeek wat er langskwam in die groepen om te zien of er iets tussen zat wat hij interessant vond. Verdachte betwist niet dat er kinder- en dierenpornografisch materiaal is aangetroffen op zijn gegevensdragers.

Gelet op het voorgaande acht de rechtbank bewezen dat verdachte op 22 april 2025 te [plaats] kinderpornografische en dierenpornografische foto’s en filmpjes in zijn bezit had. Op grond van het dossier kan niet worden vastgesteld dat verdachte op de pleegdatum een van de andere tenlastegelegde feitelijke handelingen ten aanzien van het materiaal heeft verricht, zodat verdachte van die handelingen partieel wordt vrijgesproken.

<br /> 5Bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van de in bijlage II vervatte bewijsmiddelen bewezen dat verdachte

1

op 22 april 2025 te Amstelveen visuele weergaven van seksuele aard en met onmiskenbaar seksuele strekking waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt was betrokken of schijnbaar was betrokken in bezit heeft gehad te weten foto’s en video’s en gegevensdragers bevattende afbeeldingen, te weten

– een telefoon (6646709) en

– een HDD Maxtor (6646742) en

– een HDD Toshiba (6646746)

waarop te zien is dat:

die persoon oraal, vaginaal en/of anaal wordt gepenetreerd met een penis en/of met vinger/hand en/of met mond/tong en/of met voorwerp en/of een ander persoon oraal, vaginaal en/of anaal wordt gepenetreerd met een voorwerp door die persoon en/of het eigen lichaam vaginaal wordt gepenetreerd met een voorwerp, door die persoon

– #05, p. 02 053

– #06, p. 02 054

– #10, p. 02 056

– #11, p. 02 056

– #13, p. 02 057

en

het geslachtsdeel en/of de billen van die persoon met een vinger/hand wordt/worden aangeraakt en

het geslachtsdeel van een ander kind/persoon met een vinger/hand wordt/worden aangeraakt door die persoon en

die persoon het eigen geslachtsdeel met een vinger/hand en/of voorwerp aanraakt

– #02, p. 02 052

– #05, p. 02 053

– #11, p. 02 056

– #12, p. 02 057

en

het geslachtsdeel van een dier in de mond wordt aangeraakt door die persoon

– #03, p. 02 052

en die persoon poserend of in een pose is afgebeeld, waarbij

– die persoon geheel of gedeeltelijk naakt is en/of gekleed is en/of opgemaakt is en/of in een omgeving en/of met een voorwerp en/of in een (erotisch getinte) houding op een wijze die niet bij zijn/haar leeftijd past en

– die persoon zich in opeenvolgende afbeeldingen/filmfragmenten van zijn/haar kleding ontdoet en

– door het camerastandpunt en/of de (onnatuurlijke) pose en/of de wijze van kleden van die persoon en/of de uitsnede van de foto’s/films nadrukkelijk het geslachtsdeel, de borsten en/of billen van die persoon in beeld worden gebracht

– #02, p. 02 052

– #08, p. 02 055

– #09, p. 02 055

– #14, p. 02 058

– #15, p. 02 058

– #16, p. 02 059

– #17, p. 02 059

– #20, p. 02 061

en

dat bij/op het gezicht en/of het lichaam van die persoon wordt gemasturbeerd en

bij/op het gezicht en/of het lichaam van die persoon sperma wordt gespoten en

bij/naast het gezicht en/of het lichaam van die persoon een (stijve) penis wordt gehouden en/of waarbij op dat gezicht en/of lichaam een op sperma gelijkende substantie zichtbaar is

– #01, p. 02 051

– #07, p. 02 054

– #13, p. 02 057

– #18, p. 02 060

– #19, p. 02 060

2

op 22 april 2025 te [plaats] een visuele weergave van een seksuele handeling, waarbij een mens en een dier waren betrokken of schijnbaar waren betrokken, in bezit heeft gehad, te weten foto’s en filmpjes, waarop te zien is:

– het door een dier vaginaal, oraal en/of anaal penetreren van het lichaam van (een) volwassen persoon/personen en

– het door een volwassen persoon/personen anaal penetreren van het lichaam van een dier en

– het door het door een dier likken van het geslachtsdeel van het lichaam van (een) volwassen persoon/personen en

– het door een volwassen persoon/personen likken en/of betasten/aanraken van het geslachtsdeel van een dier

– #21, p. 02 062

– #22, p. 02 063

– #23, p. 02 063

– #24, p. 02 064

– #25, p. 02 064

– #26, p. 02 065

– #27, p. 02 066

– #28, p. 02 066

– #30, p. 02 067

– #31, p. 02 067

– #32, p. 02 068

– #33, p. 02 068

– #34, p. 02 069

– #35, p. 02 069

– #36, p. 02 070

– #37, p. 02 070

– #38, p. 02 071

– #39, p. 02 071

– #40, p. 02 072

<br /> 6De strafbaarheid van de feiten

De bewezen geachte feiten zijn volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

<br /> 7De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

<br /> 8Motivering van de straffen en maatregelen

8.1

De eis van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte voor de door haar onder 1 en 2 bewezen geachte feiten zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaren. Zij heeft gevorderd dat aan het voorwaardelijke deel de voorwaarden worden verbonden zoals door de reclassering geadviseerd.

8.2

Het standpunt van de verdediging

De verdediging heeft verzocht om aan verdachte geen onvoorwaardelijke vrijheidsstraf op te leggen. Verdachte heeft na de inval door de politie vrijwillig een behandeling bij De Waag opgepakt, die hem veel inzicht heeft gebracht in zichzelf en zijn delictgedrag. Om recidive te voorkomen, is het van belang dat die behandeling niet wordt onderbroken. Voorts heeft verdachte aangegeven dat de proeftijd van de vorige veroordeling een stok achter de deur vormde om niet terug te vallen in delictgedrag.

8.3

Het oordeel van de rechtbank

De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken. De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.

Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan het in bezit hebben van een enorm grote hoeveelheid kinder- en dierenpornografisch materiaal, waaronder ook zeer heftig materiaal. Dit materiaal bestaat uit afbeeldingen van het misbruik van kinderen en dieren en vormt een grove inbreuk op de lichamelijke en seksuele integriteit van kinderen, omdat kinderen hiervoor ernstig seksueel misbruik moeten ondergaan. Dit geldt eveneens voor dieren, die ook seksueel worden misbruikt en worden geëxploiteerd met dat doel. De vraag naar dit soort materiaal houdt dit misbruik in stand. Door deze afbeeldingen in bezit te hebben, draagt ook verdachte hieraan bij. Daarnaast heeft de snelle en brede verspreiding van kinderpornografie via internet en sociale media zeer schadelijke gevolgen voor de betrokken kinderen. De verspreide afbeelding kan niet meer worden verwijderd van het internet en kan vele malen opnieuw worden bekeken. Hoewel niet bewezen verklaard is dat verdachte op 22 april 2025 dergelijk materiaal heeft verspreid of verworven, blijkt uit het dossier en de verklaring van verdachte ter zitting wel dat hij eerder via sociale media in ‘Telegram-groepen’ ging en chatte met anderen met als doel om materiaal te verkrijgen en dat hij ook materiaal stuurde in de hoop dat hij in ruil daarvoor materiaal zou ontvangen en dat materiaal ook heeft ontvangen. Ook verdachte droeg dus bij aan dit leedverzwarende aspect van seksueel misbruik van kinderen.

De rechtbank heeft acht geslagen op het Uittreksel Justitiële Documentatie (het strafblad) van verdachte van 15 juni 2026. Hieruit blijkt dat verdachte in februari 2018 is veroordeeld voor het een gewoonte maken van het bezit van kinderpornografie. Er is toen aan hem een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaren opgelegd en daarnaast een taakstraf van 240 uur. De proeftijd van de veroordeling liep van 15 mei 2019 tot 22 november 2022. Deze eerdere veroordeling heeft verdachte er kennelijk niet van weerhouden om opnieuw op zoek te gaan naar afbeeldingen van het misbruiken van kinderen.

De rechtbank heeft ook kennisgenomen van het reclasseringsadvies van 8 mei 2025. De reclassering adviseert om een reclasseringstoezicht met bijzondere voorwaarden op te leggen. Zij acht dit ondanks het al ingezette vrijwillige behandeltraject noodzakelijk, omdat verdachte is gerecidiveerd en er daarnaast nog onvoldoende zicht is op het ontstaan van het delictgedrag. De reclassering vindt oplegging van een gevangenisstraf onwenselijk, omdat deze het behandeltraject zou onderbreken.

Gelet op de ernst van de feiten, de grote hoeveelheid foto’s en filmpjes die verdachte in bezit had (waaronder ook zeer heftig materiaal) en de eerdere veroordeling – waarbij verdachte een deels onvoorwaardelijke vrijheidsstraf kreeg opgelegd – is de rechtbank van oordeel dat een vrijheidsstraf passend is en dat niet kan volstaan met een geheel voorwaardelijke gevangenisstraf. Oplegging van een taakstraf is in deze omstandigheden een gepasseerd station.

De rechtbank ziet met name in de eerdere veroordeling van verdachte, het feit dat hij kennelijk kort na afloop van zijn proeftijd – volgens zijn eigen verklaring binnen een jaar – opnieuw de fout in is gegaan en de enorme hoeveelheid (deels zeer heftig) materiaal die bij verdachte is aangetroffen, reden om aan verdachte een gevangenisstraf op te leggen waarvan het onvoorwaardelijk deel een langere duur heeft dan het onvoorwaardelijk deel van de straf die hem in de vorige strafzaak is opgelegd. Daarnaast legt zij een voorwaardelijk deel op, waaraan de door de reclassering geadviseerde voorwaarden worden verbonden. Zo zal in het kader van de voorwaardelijke straf het behandeltraject kunnen worden hervat nadat verdachte zijn straf heeft uitgezeten.

De rechtbank ziet reden om een langere proeftijd dan 3 jaren vast te stellen, omdat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat de veroordeelde wederom een misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. Uit artikel 14b lid 2 Wetboek van Strafrecht volgt dat onder meer het bezit van kinderpornografie hieronder wordt begrepen. Verdachte heeft aangegeven dat de proeftijd van de eerdere veroordeling voor hem een belangrijke stok achter de deur vormde om niet terug te vallen in delictgedrag. Hij heeft ook verklaard dat hij ergens in 2023 weer is begonnen met zoeken naar kinderpornografisch materiaal, dus kort na afloop van de proeftijd in november 2022. De rechtbank ziet in het voorgaande aanleiding om aan het voorwaardelijke strafdeel een lange proeftijd te verbinden, waarin verdachte zich dient te houden aan reclasseringsvoorwaarden (waaronder behandeling) en zijn gegevensdragers kunnen worden gecontroleerd. Zij zal daarom de proeftijd vaststellen op 5 jaren.

Alles afwegend legt de rechtbank aan verdachte een gevangenisstraf op van 14 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van 5 jaren. Aan het voorwaardelijk strafdeel verbindt zij de in het dictum nader beschreven voorwaarden zoals door de reclassering geadviseerd: meldplicht, ambulante behandeling, vermijden van digitale omgevingen van seksueel kindermisbruik, waaronder ook controle van de gegevensdragers valt.

<br /> 9Beslag

Onder verdachte zijn de volgende voorwerpen in beslag genomen:

– Telefoon (merk Samsung, goednummer 6646709);- Harddisk (merk/type Maxtor Interne HDD, goednummer 6646742);- Harddisk (merk/type Toshiba Externe HDD, goednummer 6646746).

De officier van justitie heeft gevorderd dat deze voorwerpen zullen worden onttrokken aan het verkeer.

De raadsman heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.

De rechtbank bepaalt dat alle voorgenoemde voorwerpen worden onttrokken aan het verkeer, omdat met betrekking tot, ofwel met behulp van, deze voorwerpen het onder feit 1 en 2 bewezen geachte is gegaan en zij van zodanige aard zijn, dat het ongecontroleerde bezit daarvan in strijd is met de wet of het algemeen belang.

<br /> 10Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straf en maatregel zijn gegrond op de artikelen 14a, 14b, 14c, 36b, 36c, 57, 252 en 254c van het Wetboek van Strafrecht.

<br /> 11Beslissing

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 5 is vermeld.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Het bewezen verklaarde levert op:

Ten aanzien van feit 1:

in bezit hebben van een visuele weergave van seksuele aard of met een onmiskenbaar seksuele strekking, waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt is betrokken of schijnbaar is betrokken, meermalen gepleegd

Ten aanzien van feit 2:

in bezit hebben van een visuele weergave van een seksuele handeling waarbij een mens en een dier zijn betrokken of schijnbaar zijn betrokken, meermalen gepleegd

Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte, [verdachte], daarvoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 14 (veertien) maanden.

Bepaalt dat een gedeelte, groot 4 (vier) maanden, van deze gevangenisstraf niet ten uitvoer gelegd zal worden, tenzij later anders wordt bevolen.

Stelt daarbij een proeftijd van 5 (vijf) jaren vast.

De tenuitvoerlegging kan worden bevolen als de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd schuldig maakt aan een strafbaar feit.

De tenuitvoerlegging kan ook worden bevolen als de veroordeelde gedurende de proeftijd niet aan de hierna vermelde bijzondere voorwaarden voldoet.

Stelt als bijzondere voorwaarden:

– Meldplicht bij reclassering

Veroordeelde meldt zich gedurende de proeftijd op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering bepaalt op welke dagen en tijdstippen deze afspraken zijn. De reclassering zal contact met veroordeelde opnemen voor de eerste afspraak;

– Ambulante behandeling

Veroordeelde laat zich behandelen door De Waag of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de behandeling nodig vindt. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling. De behandeling is gericht op het voorkomen van delictgedrag;

– Vermijden digitale omgevingen seksueel kindermisbruik

Dat veroordeelde gedurende de proeftijd:

1. digitale omgevingen vermijdt waarin hij in aanraking kan komen met kinderpornografisch

materiaal;

2. digitale omgevingen vermijdt waarin over seksuele handelingen met minderjarigen wordt

gecommuniceerd;

3. geen gebruik maakt van virtuele machines, versleutelprogramma’s (zoals Bitlocker, Veracrypt) of applicaties die helpen de identiteit te verbergen (zoals een VPN), tenzij de reclassering toestemming heeft gegeven voor het gebruik (zoals voor werk of voor bankzaken);

4. inzicht geeft in de wijze waarop hij de omgevingen genoemd onder 1 en 2 zal vermijden en bespreekt hoe dit verlopen is voor het verstreken deel van de proeftijd.

Het toezicht op de naleving van de onderdelen 1 tot en met 3 beperkt zich tot geautomatiseerde

controles van digitale apparaten (zoals computers, smart devices, USB-sticks, SD-kaarten, externe harde schijven) waarop bestanden kunnen worden opgeslagen en/of waarmee internet kan worden benaderd en die veroordeelde in gebruik heeft.

Veroordeelde werkt mee aan deze controles tijdens (on)aangekondigde huisbezoeken en verschaft toegang tot alle aanwezige digitale apparaten die veroordeelde in gebruik heeft. Hieronder wordt begrepen het verstrekken van wachtwoorden, codes of andere wijzen van ontgrendeling of ontsluiting zoals vingerafdrukken, die nodig zijn voor toegang. Op verzoek past veroordeelde de instellingen zodanig aan dat controle mogelijk is. De wijzigingen mogen niet leiden tot definitieve wijzigingen aan het apparaat en worden aan het einde van de controle weer teruggezet.

De controles worden uitgevoerd door de reclassering. Indien en voor zover noodzakelijk mag de reclassering voor ondersteuning op technisch en digitaal gebied een specialist, niet zijnde een opsporingsambtenaar, meenemen. De controles mogen gedurende de proeftijd maximaal (circa) 15 (vijftien) keer worden uitgevoerd, waarbij de persoonlijke levenssfeer van veroordeelde zoveel mogelijk wordt geëerbiedigd. De controles strekken er in het bijzonder niet toe een min of meer volledig beeld te krijgen van het persoonlijke leven van veroordeelde.

Geeft aan de Reclassering Nederland de opdracht als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden.

Voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd

ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, daaronder begrepen de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht.

Verklaart onttrokken aan het verkeer:

– Telefoon (merk Samsung, goednummer 6646709);- Harddisk (merk/type Maxtor Interne HDD, goednummer 6646742);- Harddisk (merk/type Toshiba Externe HDD, goednummer 6646746).

Dit vonnis is gewezen door

mr. C.P.E. Meewisse, voorzitter,

mrs. J.O. Rutten en I. Timmermans, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. E. Willeboer, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 28 juli 2026.

[…]

[…]

[…]

[…]

Artikel delen