Uniemerk. Geen sprake van inbreuk. Gedaagde gebruikt de tekens niet voor het aanbieden van de door eiser gestelde waren en diensten en als handelsnaam in de zin van artikel 9 lid 2 in verbinding met artikel 9 lid 3 sub a, b en d UMVo. De vorderingen worden afgewezen.
ECLI:NL:RBDHA:2026:12616
text/xml
public
2026-06-03T09:04:14
2026-05-19
Raad voor de Rechtspraak
nl
Rechtbank Den Haag
2026-05-21
C/09/697655 KG ZA 26-33
Uitspraak
Eerste aanleg – enkelvoudig
NL
Den Haag
Civiel recht; Intellectueel-eigendomsrecht
Rechtspraak.nl
http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:12616
text/html
public
2026-06-03T09:04:02
2026-06-03
Raad voor de Rechtspraak
nl
ECLI:NL:RBDHA:2026:12616 Rechtbank Den Haag , 21-05-2026 / C/09/697655 KG ZA 26-33
Uniemerk. Geen sprake van inbreuk. Gedaagde gebruikt de tekens niet voor het aanbieden van de door eiser gestelde waren en diensten en als handelsnaam in de zin van artikel 9 lid 2 in verbinding met artikel 9 lid 3 sub a, b en d UMVo. De vorderingen worden afgewezen.
Team handel – voorzieningenrechter
zaak- / rolnummer: C/09/697655 / KG ZA 26-33
Vonnis in kort geding van 21 mei 2026
in de zaak van
de rechtspersoon naar buitenlands recht
INTERCONTINENTAL EXCHANGE HOLDINGS, INC. te Delaware (Verenigde Staten van Amerika),
eiseres,
hierna te noemen: IEH,
advocaten: mrs. S.N. Naäman, L.S. van den Berg, L.S.M. Capel en S. van Kolfschooten.
tegen:
1. de rechtspersoon naar buitenlands recht
GLOBAL ENVIRONMENTAL MARKETS PTY LTD te Surfers Paradise (Australië),
hierna te noemen: GEM,
2. de rechtspersoon naar buitenlands recht
INTERNATIONAL CRYPTO EXCHANGE PTY LTD te Surfers Paradise (Australië),
hierna te noemen: International Crypto Exchange,
3. de rechtspersoon naar buitenlands recht
CARBON TRADE EXCHANGE PTY LTD te Surfers Paradise (Australië),
hierna te noemen: CTX,
4. de rechtspersoon naar buitenlands recht
ICE CRYPTO LTD te Farnham Common (Verenigd Koninkrijk),
hierna te noemen: ICE Crypto,
gedaagden,
hierna samen te noemen: GEM c.s.,
advocaat: mr. L.V.V. Eymael.
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
– de dagvaarding van 2 maart 2026 met producties EP01 t/m EP22;
– de “statement of defence” van GEM c.s. van 10 april 2026;
– de door IEH op 21 april 2026 ingediende betekeningsstukken;
– de stelbrief van de advocaat van GEM c.s. van 21 april 2026 met producties 1 en 2;
– de op 23 april 2026 gehouden mondelinge behandeling, waarbij door beide partijen pleitnotities zijn overgelegd.
Op grond van de stukken en het verhandelde ter zitting wordt in dit geding van het volgende uitgegaan.
2.1.
IEH is een internationale financiële dienstverlener gevestigd in de Verenigde Staten. De IEH groep bestaat uit diverse vennootschappen met vestigingen over de hele wereld, waaronder ook in Nederland (ICE Clear Netherlands B.V., ICE Endex Markets B.V. en ICE Securities Nederland B.V. die allen zijn gevestigd in Amsterdam). IEH beheert financiële beurzen en clearing houses zoals de New York Stock Exchange en de ICE Futures Exchanges. Daarnaast biedt IEH technologie en data aan voor onder meer beurzen en clearingfaciliteiten. Verder biedt IEH ook producten en diensten aan op het gebied van digitale activa en cryptovaluta.
2.2.
IEH is houdster van de volgende merkregistraties (hierna gezamenlijk aangeduid als: ‘de ICE-merken’):
– het Uniewoordmerk ‘ICE’, geregistreerd op 24 augustus 2022 onder registratienummer 018668253 voor onder meer de volgende waren en diensten in klassen 9, 35, 36 en 42:
o 9: […] Digitale media, namelijk, digitale tokens, NFT’s (cryptovaluta op een blockchain), cryptogeld, en digitale kunst.
o 35: [..] Diensten van online marktplaatsen, te weten, het aanbieden van een
Online marktplaats voor kopers, verkopers van en handelaren in de volgende waren: digitale valuta, virtuele valuta, cryptovaluta, digitale tokens, crypto-tokens en utility-tokens; Het aanbieden van een website met een onlinemarktplaats voor het kopen, verkopen en verhandelen van virtuele waren onder gebruikers; [.…]
o 36: Financiële omwisseling van virtuele valuta’s met betrekking tot de volgende gebieden: digitale valuta, virtuele valuta, cryptovaluta, digitale tokens, cryptotokens, utiliteitstokens, en NFT’s (cryptovaluta op een blockchain); Financiële transactiediensten met betrekking tot de volgende gebieden: digitale valuta, virtuele valuta, cryptovaluta, digitale tokens, crypto-tokens en utility-tokens; Financiële diensten, te weten, het verstrekken van digitale valuta of digitale waardetokens voor gebruik door leden van een onlinegemeenschap via een wereldwijd computernetwerk; Financiële diensten, te weten, het aanbieden van elektronische overdracht van digitale valuta voor gebruik door leden van een onlinegemeenschap via een wereldwijd computernetwerk; Uitgifte van digitale munten; [..] Cryptocurrency-wisseldiensten; Beurzen voor cryptovaluta met blockchaintechnologie; Verwerking van betalingen met cryptovaluta; […] Financiële diensten, te weten, Diensten op het gebied van liquiditeit, namelijk Valutahandel en wisseldiensten met betrekking tot de volgende producten: Digitale valuta, Digitale activa, Cryptovaluta, Virtuele valuta en Activa op basis van blockchain.
– het Uniewoordmerk ‘ICE’, geregistreerd op 27 maart 2007 onder registratienummer 004744322 voor onder meer de volgende diensten in klassen 36 en 42:
o 36: Verzekeringsdiensten en financiële diensten; […] alle voornoemde diensten verschaft vanaf een wereldwijd computernetwerk op het internet; het exploiteren van een online-uitwisseling van handelsgoederen en derivaten van handelsgoederen; […]
o 42: Het verstrekken van tijdelijk gebruik van online-software voor het kopen en/of verkopen van handelsgoederen en derivaten van handelsgoederen; [.…]
2.3.
Gedaagden vormen een groep van ondernemingen. De groep bestaat uit de Australische moedermaatschappij GEM, die in 2009 is opgericht, twee Australische dochtervennootschappen (International Crypto Exchange en CTX) en de Britse dochtervennootschap ICE Crypto Limited. De groep houdt zich onder meer bezig met het ontwikkelen van infrastructuur voor de handel in carbon credits.
2.4.
GEM is houdster van het internationale beeldmerk met aanwijzing van onder meer de EU, zoals hieronder weergegeven, geregistreerd op 5 juli 2022 onder registratienummer 1687060 voor diensten in klassen 36 en 42:
2.5.
GEM is houdster van het volgende Australische beeldmerk zoals hieronder weergegeven, geregistreerd op 5 april 2018 onder registratienummer IN 1918075 voor diensten in klasse 42:
2.6.
GEM is houdster van de volgende domeinnamen:
Te koop aanbieden IE-portfolio
2.7.
GEM c.s. heeft op haar websites icemarkets.io, icecarbon.com en icecarbon.io onderstaande inhoud geplaatst waarmee zij haar IE-portfolio te koop aanbiedt. De verkoop omvat “meerdere volledig geregistreerde handelsmerken, een uitgebreide reeks premium domeinen en ondersteunend bedrijfsmateriaal dat oorspronkelijk is ontwikkeld voor een institutioneel cryptoplatform”:
2.8.
GEM c.s. heeft een memorandum laten opstellen waarin voor potentiële kopers/investeerders onder meer de volgende informatie is opgenomen over de overname van het IE-portfolio:
2.9.
GEM c.s. heeft op 11 augustus 2025 het volgende persbericht op de website einpresswire.com geplaatst, waarin zij aankondigt haar International Crypto Exchange-platform opnieuw te willen lanceren en op zoek is naar geschikte strategische partners:
“The recent announcement of U.S. regulations for stablecoins and cryptocurrencies has opened the door for a truly secure Crypto Carbon program. Global Environmental Markets (GEM), parent company of Carbon Trade Exchange (CTX), owns International Crypto Exchange Pty Ltd, which has an Australian Digital Currency Exchange registration, GEM is now assessing options and preparing to relaunch the platform in conjunction with suitable strategic partners.
Conceived in 2018, GEM and CTX Founder [naam] sought a “what it says on the tin” brand he could register as trademarks – at a time when no such registration existed in the Crypto and Blockchain space. GEM and CTX invested significant resources and manhours, launching in 2019 with capital raise effort spanning 2020. In early 2021, the pandemic forced a strategic decision between prioritising carbon or crypto – ICE Crypto ® was put ‘on ICE’ while GEM Carbon Trade Exchange Group focused on CTX between 2022 and 2025. But now, the time has come.
The IP portfolio underpinning this initiative includes registered trademarks and premium domain names spanning cryptocurrency and carbon markets. Covering key jurisdictions U.S.A, UK, EU, and Australia, these assets are positioned for applications across various classes related to Crypto. ICE Carbon – International Carbon Credits ® and International Crypto Vault ® form part of the International Crypto Exchange initiative, which GEM intends to advance in collaboration with suitable strategic partners.
“Over the past 2 decades, CTX established itself as a global leader in carbon trading infrastructure. With market dynamics evolving rapidly in both carbon and digital asset markets, now is the right time to assess strategic options for these complementary IP assets aligning with environmental markets” said [naam], Founder & CEO. [naam] emphasised: “This is not to be confused with International Currency Exchange, Intercontinental Exchange or any of the other 48,000 ‘ICE’-type trademarks holders in other sectors”. He added “Our focus is on delivering a secure, credible platform at the intersection of cryptocurrency and carbon markets”.
The Final Whitepaper will be published in September/October at https://icemarkets.io/ once final strategic partners and Second Round seed investors are confirmed.
Interested parties are invited to contact Gordex Consulting for further information under confidentiality.
Media enquires:
[naam] – GEM / CTX – [naam].sharpe@gemglobal.com
Commercial engagement enquiries:
info@ICEcrypto.io
Strategic Partnerships/Transaction enquiries:
Andrea Gordilho – Gordex Consulting – andrea@wearegordex.com
[…]”
Correspondentie tussen partijen
2.10.
In juni 2025 heeft GEM IEH benaderd met een aanbod tot overname van haar
IE-portfolio.
2.11.
Bij brief van 8 augustus 2025 heeft IEH GEM gesommeerd iedere inbreuk op de ICE-merken te staken en gestaakt te houden, GEM’s merkregistraties te herroepen en haar domeinnamen over te dragen aan IEH onder een boetebeding.
2.12.
Bij brieven van 14 en 15 augustus 2025 heeft GEM aangegeven dat zij geen gehoor zal geven aan de sommatie omdat zij stelt dat geen sprake is van merkinbreuk.
2.13.
Partijen hebben op 21 en 27 augustus, 4 en 12 september 2025 nadere correspondentie uitgewisseld over hun standpunten, maar hebben hun geschil niet in onderling overleg kunnen oplossen.
3.1.
IEH vordert – zakelijk weergegeven en na vermindering van eis – dat de voorzieningenrechter, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad:
I. GEM c.s. beveelt om binnen 7 dagen na betekening van dit vonnis primair binnen de Europese Unie, subsidiair binnen Nederland, iedere vorm van inbreuk op de ICE-merken te staken en gestaakt te houden, waaronder in ieder geval begrepen het gebruik van ieder teken dat identiek is aan of overeenstemt met de ICE-merken voor identieke of soortgelijke waren als waarvoor de merken zijn ingeschreven, en in het bijzonder het gebruik van de ICE-tekens of andere tekens waarin ICE het dominante en/of onderscheidende element is;
II. GEM c.s. beveelt om binnen 48 uur na betekening van dit vonnis een rectificatie te plaatsen op de landingspagina van haar websites icemarkets.io en gemglobal.com, die zichtbaar moeten zijn voor bezoekers vanuit de Europese Unie, in een duidelijk en voldoende groot en goed leesbaar lettertype, zonder enige commentaar en zonder dat in enigerlei zin of op enigerlei wijze aan doel en strekking van de rectificatie afbreuk wordt gedaan, door uitsluitend de volgende tekst te plaatsen:
“Notification
Please note that we are not in any way related to or affiliated with Intercontinental Exchange Holdings, Inc, or involved with the goods and services it offers under its “ICE” trademark. Intercontinental Exchange Holdings, Inc has opposed to the use of the term “ICE” in relation to our goods and services and initiated proceedings against us in that relation.”
welke tekst de grootte van een half beeldscherm dient te beslaan, met een zwarte rand van 3 mm dik is omkaderd, en volledig leesbaar is wanneer de openingspagina in beeld verschijnt (zonder dat de bezoeker daartoe behoeft te scrollen of zoeken), en welke openingspagina niet automatisch doorlinkt naar een volgende pagina (maar zonder actie van de bezoeker in beeld blijft) en niet als pop-up is vormgegeven, en aldaar deze tekst voortdurend geplaatst te houden gedurende een periode van 7 dagen vanaf de datum en het tijdstip van plaatsing;
III. bepaalt dat bij overtreding van het verbod onder I, de betreffende gedaagde een dwangsom verbeurt van € 25.000,- per dag, een deel van een dag daaronder begrepen, met een maximum van € 500.000,-;
IV. bepaalt dat bij overtreding van de geboden onder II, de betreffende gedaagde een dwangsom verbeurt van € 5.000,- per dag, een deel van een dag daaronder begrepen, met een maximum van € 100.000,-;
V. de termijn voor het instellen van een eis in de hoofdzaak als bedoeld in artikel 1019i Rv te bepalen op zes maanden na dit vonnis;
VI. GEM c.s. hoofdelijk veroordeelt in de proceskosten in de zin van artikel 1019h Rv, vermeerderd met de wettelijke rente en nakosten.
3.2.
Daartoe voert IEH samengevat aan dat GEM c.s. inbreuk maakt op de ICE-merken in de zin van artikel 9 lid 2 sub a en subsidiair sub b UMVo door in de Europese Unie verschillende waren en diensten in de financiële sector aan te bieden onder gebruikmaking van de tekens ICE, ICE CARBON INTERNATIONAL CARBON CREDITS, ICE Crypto, ICE Crypto Market, @icecrypto.io, ICE-T, , en de onder 2.6 genoemde domeinnamen (hierna: de Tekens), terwijl deze Tekens gelijk zijn aan of overeenstemmen met de ICE-merken en worden gebruikt voor dezelfde of overeenstemmende waren en diensten als waarvoor de merken zijn ingeschreven, waardoor bij het publiek verwarring kan ontstaan. Meer specifiek stelt IEH dat GEM c.s. één of meer van de Tekens gebruikt als handelsnaam, dat zij voornemens is om een cryptomunt aan te bieden onder de naam ICE Token of ICE-T, dat zij onder de Tekens een gecentraliseerd online handelsplatform aanbiedt (voor de directe handel in cryptovaluta en digitale activa uitwisseldiensten) en dat zij voornemens is om een platform aan te bieden dat carbon credits en blockchain-technologie combineert onder gebruikmaking van het teken ICE Carbon en bijbehorend logo.
3.3.
GEM c.s. voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen met veroordeling van IEH in de proceskosten in de zin van artikel 1019h Rv.
Bevoegdheid
4.1.
De rechtbank is internationaal en relatief bevoegd om van de vorderingen jegens GEM c.s. kennis te nemen op grond van artikel 123 lid 1, 124 aanhef en onder a en 125 125 lid 2 UMVo in verbinding met artikel 3 van de Uitvoeringswet EG-Verordening inzake het Gemeenschapsmerk. Zowel gedaagden als eiseres zijn gevestigd buiten de Europese Unie, maar eiseres heeft drie vestigingen in Nederland die voldoen aan de eisen die het Hof van Justitie in vaste jurisprudentie aan dit begrip heeft gesteld. Dit zijn immers dochtervennootschappen van IEH die een centrum van werkzaamheden vormen en die in de lidstaat waar zij gelegen zijn, in dit geval Nederland, beschikken over een vorm van werkelijke en stabiele aanwezigheid van waaruit een bedrijfsactiviteit wordt verricht en die zich naar buiten duurzaam manifesteren als het verlengstuk van de moedermaatschappij.
4.2.
Op grond van artikel 126 lid 1 UMVo strekt de bevoegdheid van de rechtbank zich uit over het grondgebied van de gehele Europese Unie.
Spoedeisend belang
4.3.
IEH heeft een spoedeisend belang bij haar vorderingen omdat de gestelde merkinbreuk voortduurt. IEH is in juni 2025 op de hoogte geraakt van het gebruik van de Tekens door GEM c.s. toen GEM c.s. haar IE-portfolio aan IEH te koop aanbood. Dat IEH al (veel) eerder op de hoogte moet zijn geweest van het bestaan van GEM c.s. en haar merkgebruik – gezien haar internationale en Australische merkregistraties sinds 2018 – heeft GEM c.s. na betwisting daarvan door IEH onvoldoende aannemelijk gemaakt. Nadat IEH het overnamevoorstel had bekeken en daaruit concludeerde dat mogelijk sprake was van merkinbreuk, heeft zij GEM c.s. op 8 augustus 2025 een sommatiebrief gestuurd. Partijen hebben vervolgens over de gestelde inbreuk gecorrespondeerd en toen bleek dat GEM c.s. het gebruik niet wilde staken, is IEH de onderhavige procedure begonnen. Daarmee heeft IEH naar voorlopig oordeel voldoende voortvarend opgetreden. Het (spoedeisend) belang is in de tussentijd toegenomen doordat GEM c.s. sinds 11 augustus 2025 (zie 2.9 hiervoor) ook naar buiten toe heeft aangekondigd op zoek te zijn naar investeerders of overnemende partijen en haar IE-portfolio actief te koop heeft aangeboden.
Geen gebruik van de Tekens voor waren en diensten
4.4.
IEH stelt dat GEM c.s. inbreuk maakt op de ICE-merken zoals bedoeld in artikel 9 lid 2 sub a en/of b UMVo door de Tekens te gebruiken voor het aanbieden van waren (cryptomunten) en diensten (handelsplatformdiensten) en als handelsnaam (zoals bedoeld in artikel 9 lid 3 sub a, b en d UMVo).
4.5.
GEM c.s. betwist dat sprake is van merkinbreuk, onder meer omdat zij de Tekens niet gebruikt ter onderscheiding van waren of diensten, maar slechts op haar website heeft vermeld in het kader van de verkoop van haar IE-portfolio.
4.6.
De voorzieningenrechter volgt GEM c.s. in haar standpunt dat geen sprake is van het aanbieden van de door IEH gestelde waren en diensten onder de Tekens en licht dat als volgt toe.
4.7.
GEM c.s. heeft de stelling van IEH dat GEM c.s. bezig is met de ontwikkeling van een cryptomunt onder de Tekens (waaronder ICE of ICE-T) met het oogmerk om die aan te bieden aan het publiek gemotiveerd betwist. Zij heeft daartoe betoogd dat GEM c.s. thans geen enkele intentie heeft om zelf een cryptomunt te ontwikkelen of aan te bieden. Zij heeft op haar websites slechts een IE-portfolio te koop aangeboden bestaande uit merkregistraties, domeinnamen en bedrijfsmateriaal en daarbij gewezen op de mogelijkheden die dit portfolio potentiële overnemers/investeerders biedt, waaronder de mogelijkheid van het aanbieden van een cryptomunt. IEH heeft haar stellingen vervolgens niet nader onderbouwd. Dit leidt tot de voorlopige conclusie dat het de voorzieningenrechter niet gebleken is dat GEM c.s. op dit moment een cryptomunt onder de Tekens aanbiedt. Ook is het de voorzieningenrechter niet gebleken van een dreiging daartoe. GEM c.s. heeft immers zelf geen intentie om een cryptomunt onder de Tekens uit te geven; zij heeft slechts een voornemen om het IP-portfolio te verkopen. Indien zij haar IP-portfolio verkoopt aan een derde partij en die derde partij vervolgens overgaat tot uitgifte van een cryptomunt onder de Tekens, dan levert dit gebruik van de Tekens op door die derde partij, en dus niet door GEM c.s.
4.8.
Hetzelfde geldt voor het aanbieden van (diensten ter zake van) een of meerdere (handels)platformen. GEM c.s. heeft gemotiveerd betwist dat zij een handelsplatform onder de Tekens aanbiedt of het voornemen heeft dit te doen. Ook dit heeft zij als mogelijkheid voor potentiële overnemers/investeerders vermeld op haar websites waarop het IE-portfolio is aangeboden. Naar voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter kan hieruit niet volgen dat GEM c.s. thans zelf (diensten ter zake van) een handelsplatform onder de Tekens aanbiedt of dit dreigt te gaan doen.
4.9.
Ten slotte is niet gebleken dat GEM c.s. de Tekens gebruikt als handelsnaam in de zin van artikel 9 lid 3 sub d UMVo. Hiervoor is immers vereist dat een handelsnaam zodanig wordt gebruikt dat een verband ontstaat tussen die naam en de door de onderneming verhandelde waren en/of diensten. Nu de voorzieningenrechter hiervoor tot het voorlopige oordeel is gekomen dat GEM c.s. geen cryptomunt en/of handelsplatform(diensten) aanbiedt (en er ook geen dreiging bestaat dat zij dit gaat doen), is in dit geval geen sprake van een dergelijk verband tussen handelsnaam en waren/diensten.
4.10.
De voorlopige conclusie uit het voorgaande is dat GEM c.s. de Tekens niet gebruikt voor het aanbieden van de door IEH gestelde waren en diensten en als handelsnaam in de zin van artikel 9 lid 2 in verbinding met artikel 9 lid 3 sub a, b en d UMVo. De voorziengingenrechter zal de vorderingen van IEH daarom afwijzen.
Proceskosten
4.11.
IEH c.s. zal als de in het ongelijk gestelde partijen worden veroordeeld in de kosten van GEM c.s. GEM c.s. maakt aanspraak op vergoeding van de volledige proceskosten als bedoeld in artikel 1019h Rv. IEH heeft specificaties van haar advocaatkosten (exclusief BTW) van in totaal € 18.985,- overgelegd.
4.12.
De onderhavige zaak is een zaak ter handhaving van intellectuele eigendomsrechten in de zin van artikel 1019 Rv. Teneinde de redelijkheid en evenredigheid van de opgevoerde kosten te kunnen beoordelen, wordt aansluiting gezocht bij de Indicatietarieven in IE-zaken (versie februari 2026). Onderhavige zaak valt naar het oordeel van de voorzieningenrechter onder de categorie ‘normaal kort geding’ met een maximumtarief van € 18.000,-. Dit bedrag zal worden toegewezen; het meer gevorderde wordt afgewezen. Het bedrag voor salaris advocaat van € 18.000,- wordt verhoogd met € 735,- aan griffierecht en € 189,- (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing) aan nakosten, waarmee het totaalbedrag uitkomt op € 18.924,-.
De voorzieningenrechter:
5.1.
wijst de vorderingen van IEH af;
5.2.
veroordeelt IEH in de proceskosten van € 18.924,-, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,- plus de kosten van betekening als IEH niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend;
5.3.
verklaart de proceskostenveroordeling in 5.2 uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.B.J. Hoefnagel, voorzieningenrechter, bijgestaan door
mr. J.M.N. van Limpt-Schrover, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 21 mei 2026.
Verordening (EU) 2017/1001 van het Europees Parlement en de Raad van 14 juni 2017 inzake het Uniemerk
HvJ EU 18 mei 2017, zaak C-617/15, ECLI:EU:C:2017:390 (Hummel Holding / Nike), zie voor toepassing in Nederland Rechtbank Den Haag 8 september 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:13590 (Trespa /ASD Laminat), r.o. 4.6.
Vgl. HvJ 11 september 2007, C-17/06, ECLI:EU:C:2007:497 (Céline), r.o. 23