Zorgmachtiging voor 6 maanden
ECLI:NL:RBDHA:2026:19263
text/xml
public
2026-07-27T16:53:51
2026-07-12
Raad voor de Rechtspraak
nl
Rechtbank Den Haag
2026-06-11
C/09/706128 / FA RK 26-5393
Uitspraak
Eerste aanleg – enkelvoudig
Beschikking
NL
Den Haag
Civiel recht; Personen- en familierecht
Rechtspraak.nl
http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:19263
text/html
public
2026-07-27T16:53:26
2026-07-27
Raad voor de Rechtspraak
nl
ECLI:NL:RBDHA:2026:19263 Rechtbank Den Haag , 11-06-2026 / C/09/706128 / FA RK 26-5393
Zorgmachtiging voor 6 maanden
Zaak-/rekestnr.: C/09/706128 / FA RK 26-5393
Datum beschikking: 11 juni 2026
Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg
Beschikking naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 7:11 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene],
hierna te noemen: betrokkene,
geboren op [geboortedatum] 1964 te [geboorteplaats] ,
wonende te [woonplaats] ,
thans verblijvende in de accommodatie [accomodatie] te [plaats] ,
advocaat: mr. I. Saey te Rotterdam.
Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd:
– een op 26 mei 2026 ondertekende medische verklaring van W. Dominicus, psychiater, die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij de behandeling betrokken was;
– een zorgkaart van 27 mei 2026;
– een zorgplan van 19 mei 2026;
– de bevindingen van de geneesheer-directeur van 29 mei 2026;
– een uittreksel uit de justitiële documentatie;
– een brief van de officier van justitie van 6 mei 2026, waaruit blijkt dat er ten aanzien van betrokkene geen recente politiemutaties zijn.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 11 juni 2026. Daarbij zijn gehoord:
– betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
– de behandelcoördinator, [naam] .
Omdat door de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig werd geacht en het de rechtbank ter zitting is gebleken dat diens aanwezigheid ook niet noodzakelijk was om tot een inhoudelijke beslissing te kunnen komen, is de officier van justitie niet gehoord.
Betrokkene heeft ter zitting naar voren gebracht dat, mocht een zorgmachtiging nodig zijn, hij ambulante zorg wil en niet in de accommodatie wil blijven. Hij is nu circa anderhalve maand in de accommodatie en vindt dit te zwaar. Hij voelt zich er ongemakkelijk en blokkeert, waardoor hij weer depressief raakt.
Hij geeft aan dat hij in de huidige accommodatie is opgenomen omdat er geen plaats binnen beschermd wonen voor hem kon worden gevonden en er daarom geen andere optie was. Indien de zorg niet verplicht is, zou hij op zeer korte termijn een studio of kamer willen en één keer per week iemand die langskomt om te kijken hoe het gaat. Hij zou absoluut niet in de accommodatie blijven.
De advocaat heeft toegelicht dat betrokkene zelf zijn zaken wil regelen en verzoekt de rechtbank daarmee rekening te houden.
De behandelcoördinator heeft ter zitting verklaard dat betrokkene bekend is met een bipolaire stoornis. Zijn medicatie lijkt niet goed ingesteld te zijn. Er is sprake van rapid cycling, waarbij betrokkene snel op en neer gaat.
Betrokkene zou vanuit zijn verblijf in het kader van de ISD-maatregel naar beschermd wonen gaan. Deze plek is al geregeld, maar wordt momenteel gebouwd; naar verwachting is deze in december gereed.
In de tussentijd is vanuit de behandelaren de vraag om betrokkene in de accommodatie te houden om de medicatie beter in te stellen en zo stabiel mogelijk.
De behandelcoördinator geeft aan dat op dit moment soms een hypomaan beeld wordt gezien, waardoor er een risico is op middelengebruik en delictgedrag. Betrokkene heeft echter vooral last van somberheid, waardoor het voor hem lastig is om mee te doen met het programma.
Betrokkene mag tijdens de opname naar buiten, zolang hij aangeeft wat hij gaat doen en hoe laat hij terug is. Dit kan mogelijk bijdragen aan het vergroten bij hem van de behandelbereidheid.
Gedurende de opname, tot aan de overgang naar beschermd wonen in december, wordt ingezet op optimale behandeling van de bipolaire stoornis.
Betrokkene is op dit moment nog niet volledig meewerkend, inmiddels worden hem meer vrijheden geboden om bij hem de behandelmotivatie te vergroten.
Daarnaast wordt gekeken naar medicatie. Lithium lijkt effectief voor hypomane fases, maar minder voor depressieve fases, waar betrokkene juist last van heeft. De gesprekken over medicatie worden gevoerd met de regiebehandelaar. Betrokkene is ambivalent ten opzichte van medicatie en weigert deze weleens.
De behandeling bestaat verder uit psychotherapie, psycho-educatie, een goede dagstructuur en gezond leven.
Zonder zorgmachtiging is de verwachting dat betrokkene niet in de accommodatie kan blijven, op straat terechtkomt, middelen gaat gebruiken en zal terugvallen in delictgedrag.
De behandelcoördinator acht de verzochte vormen van verplichte zorg ‘verrichten medische controles’, ‘andere medische handelingen en therapeutische maatregelen’ en ‘uitoefenen van toezicht’ niet noodzakelijk.
Uit de overgelegde stukken is gebleken dat betrokkene lijdt aan psychische stoornissen, te weten een bipolaire stoornis, een stoornis in het gebruik van middelen en ADHD. Betrokkene is daarnaast bekend met een licht verstandelijke beperking.
Deze stoornissen leiden tot ernstig nadeel, gelegen in:
– levensgevaar;
– ernstig lichamelijk letsel;
– ernstige psychische schade;
– ernstige materiële schade;
– ernstige immateriële schade;
– ernstige financiële schade;
– ernstige verwaarlozing;
– maatschappelijke teloorgang;
– bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat hij onder invloed van een ander raakt;
– de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept;
– de situatie dat de algemene veiligheid van personen of goederen in gevaar is.
Tijdens manische episodes laat betrokkene risicovol en onverstandig gedrag zien, waarbij hij zichzelf kan uitputten en agressie oproept. Tijdens de opname heeft hij vuur gemaakt door stroomkabels kort te sluiten en de kamer laten overstromen.
Tijdens depressieve episodes heeft betrokkene suïcidale gedachten, komt hij niet tot activiteiten, trekt zich terug en heeft hij hulp nodig bij ADL.
Daarnaast is betrokkene recent weggelopen en heeft hij toen ook alcohol gebruikt. Ook gebruikt hij veel koffie en tabak, wat zijn psychische toestand verder kan verslechteren.
Om het ernstig nadeel af te wenden, de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren, de geestelijke gezondheid van betrokkene te herstellen zodanig dat hij zijn autonomie zoveel mogelijk herwint en de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen, heeft betrokkene zorg nodig.
Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Betrokkene wil niet langer in de accommodatie blijven en toont ambivalentie ten aanzien van medicatie en de behandeling. Om die reden is verplichte zorg nodig.
De in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg zijn gebaseerd op de medische verklaring, het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur. Deze vormen van verplichte zorg zijn door de rechtbank tijdens de mondelinge behandeling besproken.
Gelet op het voorgaande acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk om het ernstig nadeel af te wenden:
– toedienen van medicatie;
– beperken van de bewegingsvrijheid;
– onderzoek aan kleding of lichaam;
– onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
– controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
– aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
– opnemen in een accommodatie.
Gelet op hetgeen ter zitting is besproken ziet de rechtbank geen aanleiding voor het opleggen van verplichte zorg in de vorm van:
– verrichten medische controles;
– andere medische handelingen en therapeutische maatregelen;
– uitoefenen van toezicht.
Niet gebleken is dat deze vormen van zorg in het verleden noodzakelijk zijn geweest en niet voorzienbaar is dat het opleggen hiervan direct noodzakelijk zal zijn. Het verzoek zal daarom in zoverre worden afgewezen.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De verplichte zorg is bovendien evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt verder dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend.
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedatum] 1964 te [geboorteplaats] ,
inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:
– toedienen van medicatie;
– beperken van de bewegingsvrijheid;
– onderzoek aan kleding of lichaam;
– onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
– controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
– aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
– opnemen in een accommodatie;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 11 december 2026;
wijst het meer of anders verzochte af.
Deze beschikking is gegeven door mr. J.C. van den Dries, rechter, bijgestaan door mr. E.M.C. Mulders als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 11 juni 2026.