Menu

Filter op
content
PONT | Data&Privacy

0

ECLI:NL:RBDHA:2026:21941

AA, Uganda, homoseksualiteit en problemen daardoor terecht ongeloofwaardig bevonden omdat onaannemelijk is dat vreemdeling pas op zijn dertigste over zijn seksuele geaardheid en gevoelens heeft nagedacht en omdat vreemdeling oppervlakkig heeft verklaard over de meest bijzondere momenten binnen zijn relatie. Beroep ongegrond.

Rechtbank Den Haag 6 August 2026

Jurisprudentie – Uitspraken

ECLI:NL:RBDHA:2026:21941
text/xml
public
2026-08-06T11:59:21
2026-08-06
Raad voor de Rechtspraak
nl
Rechtbank Den Haag
2026-07-23
NL25.60046
Uitspraak
Eerste aanleg – enkelvoudig
NL
Rotterdam
Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht

Rechtspraak.nl

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBDHA:2026:21941
text/html
public
2026-08-06T11:49:05
2026-08-06
Raad voor de Rechtspraak
nl
ECLI:NL:RBDHA:2026:21941 Rechtbank Den Haag , 23-07-2026 / NL25.60046

AA, Uganda, homoseksualiteit en problemen daardoor terecht ongeloofwaardig bevonden omdat onaannemelijk is dat vreemdeling pas op zijn dertigste over zijn seksuele geaardheid en gevoelens heeft nagedacht en omdat vreemdeling oppervlakkig heeft verklaard over de meest bijzondere momenten binnen zijn relatie. Beroep ongegrond.

RECHTBANK DEN HAAG

Zittingsplaats Rotterdam

Bestuursrecht

zaaknummer: NL25.60046

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[naam eiser] , V-nummer: [nummer] , eiser

(gemachtigde: mr. J.S. Dobosz),

en

de minister van Asiel en Migratie, verweerder

(gemachtigde: mr. R.I. Schreinemachers).

Bij besluit van 3 december 2025 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd (asielaanvraag) afgewezen als ongegrond.

Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

De rechtbank heeft het beroep op 17 juli 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, de gemachtigde van eiser, [naam 1] als tolk en de gemachtigde van verweerder.

Het asielrelaas

1. Eiser heeft de Ugandese nationaliteit en is geboren op [geboortedag] 1986. Hij behoort tot de Muganda bevolkingsgroep. Eiser legt aan zijn asielaanvraag – kort samengevat – ten grondslag dat hij homoseksueel is en dat hij daardoor problemen in Uganda heeft ervaren. Eiser is samen met [naam 11] gesnapt door een buurtbewoner toen hij stond te douchen en [naam 11] tegen hem zei dat hij met hem wilde knuffelen. Eiser is daarom op 28 februari 2023 vertrokken uit Uganda. Bij terugkeer naar Uganda vreest eiser te worden gedood door de gemeenschap en de regering.

Om zijn asielrelaas te onderbouwen heeft eiser de volgende documenten overgelegd:

Paspoort (echt bevonden)

Identiteitskaart (echt bevonden)

Rijbewijs (vals bevonden)

Het bestreden besluit

2. Het asielrelaas van eiser bevat volgens verweerder de volgende asielmotieven:

1. Identiteit, nationaliteit en herkomst

2. Eisers homoseksualiteit en zijn problemen hierdoor

2.1.

Verweerder acht de identiteit, nationaliteit en herkomst van eiser geloofwaardig. Verweerder acht echter niet geloofwaardig dat eiser homoseksueel is en dat hij hierdoor problemen heeft ervaren. Verweerder legt aan dit standpunt kort samengevat ten grondslag dat het incident waarin eiser zou zijn betrapt ongerijmd is, dat eiser wisselend heeft verklaard over de ontdekking van zijn geaardheid, dat eiser oppervlakkig heeft verklaard over de meest bijzondere momenten binnen zijn relatie met [naam 11] en dat eiser tegenstrijdig heeft verklaard over de eigenschappen van [naam 11] . Daarnaast wijst verweerder erop dat eiser zijn asielaanvraag niet zo spoedig mogelijk heeft ingediend en dat eiser hier geen goede verklaring voor heeft. Van vluchtelingschap als bedoeld in het Vluchtelingenverdrag is volgens verweerder geen sprake. Evenmin is volgens verweerder sprake van een reëel risico op ernstige schade in de zin van artikel 3 van het Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (EVRM). Verweerder heeft de asielaanvraag afgewezen als ongegrond. Daarnaast omvat het bestreden besluit een terugkeerbesluit.

Standpunt eiser

3. Eiser stelt zich op het standpunt dat zijn homoseksualiteit en de problemen hierdoor ten onrechte ongeloofwaardig zijn geacht. Eiser voert hiertoe in de kern aan dat het niet ongerijmd is dat hij voor zijn 30ste niet heeft nagedacht over zijn geaardheid. Hij zat namelijk op een strenggelovige school, heeft nooit seksuele voorlichting gehad en was pas op late leeftijd zindelijk. Eiser was hierdoor onwetend over zijn seksuele geaardheid. Uit eisers verklaringen blijkt ook dat zijn voorkeur eerst uitging naar vrouwen maar dat hij vanwege zijn onwetendheid niet wist hoe hij met deze relaties om moest gaan. De fantasieën die eiser over [naam 7] had moeten volgens eiser niet worden gezien als uiting van een seksuele voorkeur omdat [naam 7] eiser (ongewenst) heeft betast. Eiser wijst er verder op dat hij bij [naam 8] ontdekte dat hij zich tot mannen aangetrokken voelt en dat hij zichzelf bij [naam 11] pas ging accepteren zodat er geen sprake is van tegenstrijdige verklaringen.

3.1.

Eiser voert verder aan dat het incident waarin hij zou zijn betrapt niet ongerijmd is. Volgens eiser is het logisch dat alleen hij problemen heeft ondervonden omdat [naam 11] niet bekend was. Ook meent eiser dat hij niet oppervlakkig heeft verklaard over zijn relatie met [naam 11] en de eigenschappen van [naam 11] . Eiser kon zich namelijk niet publiekelijk intiem met [naam 11] vertonen en verweerder heeft nagelaten om de door eiser genoemde bijzondere momenten te bezien in het licht van de strikt verboden homoseksualiteit in Uganda. Daarnaast heeft eiser uitgelegd dat zijn partner zorgzaam is, maar dat hij hem geen onderdak kon bieden omdat twee mannen in Uganda niet zomaar kunnen samenwonen, te meer omdat [naam 11] een stuk ouder is dan eiser. Op de zitting heeft eiser hieraan toegevoegd dat [naam 11] eiser waarschijnlijk geen onderdak heeft geboden uit angst na het incident, maar dat dit niet betekent dat [naam 11] niet zorgzaam is. Tot slot stelt eiser dat hij een verschoonbare reden heeft waarom hij zijn asielaanvraag laat heeft ingediend. Eiser was niet bekend met de asielprocedure en was ook niet bekend met de mogelijkheid om op Schiphol asiel aan te vragen. Van eiser kan niet worden verwacht dat hij hier meteen initiatief in neemt.

Beoordeling door de rechtbank

4. Bij de beoordeling van de geloofwaardigheid van de gestelde seksuele geaardheid heeft verweerder Werkinstructie (WI) 2019/17 toegepast (thans WI 2026/24). Kort gezegd ligt het zwaartepunt op de door de vreemdeling gegeven verklaringen en diens eigen ervaringen en persoonlijke beleving met betrekking tot zijn seksuele gerichtheid, wat dit voor hem en zijn omgeving heeft betekend, wat de situatie is voor personen met die gerichtheid in het land van herkomst en hoe zijn ervaringen in het algemene beeld passen. Het is aan de vreemdeling om de gestelde seksuele gerichtheid aannemelijk te maken.

4.1.

Verweerder stelt zich naar het oordeel van de rechtbank terecht op het standpunt dat het onaannemelijk is dat eiser pas op zijn dertigste over zijn seksuele geaardheid of gevoelens heeft nagedacht. Eiser heeft namelijk ook verklaard dat hij op zijn zestiende/zeventiende op intieme wijze is betast door [naam 7] en dat hij daardoor natte dromen kreeg (p. 18 nader gehoor). Weliswaar blijkt uit eisers verklaringen dat hij dit niet prettig vond (p. 8 nader gehoor), maar eiser heeft ook verklaard dat toen hij jong was en hij dacht aan een relatie, dat hij dan denkt aan iemand om te zoenen. Op de vraag wie eiser dan voor zich zag in zijn fantasie verklaart hij dat hij dan aan [naam 7] dacht (p. 17 nader gehoor). Daarnaast heeft eiser verklaard dat hij verschillende verstandsverhoudingen met vrouwen aanging. Zo heeft eiser verklaard dat hij in 2008 met [naam 12] heeft gehad en later met [naam 13] (p. 8 en 9 nader gehoor). [naam 13] is op 10 februari 2011 ook bevallen van eisers dochter. Verweerder heeft zich gelet op deze verklaringen terecht op het standpunt gesteld dat het onaannemelijk is dat eiser voor zijn dertigste geen enkel moment aan zijn geaardheid of gevoelens heeft gedacht of hier enige overweging over heeft gehad. Eiser kende [naam 7] , [naam 12] en [naam 13] immers al daarvoor en heeft dus ook voor zijn dertigste al verschillende (romantische) ervaringen gehad met zowel mannen als vrouwen. Voor zover eiser stelt dat verweerder in dit kader onvoldoende rekening heeft gehouden met zijn referentiekader, specifiek eisers gebrek aan seksuele voorlichting en de omstandigheid dat hij nog niet zindelijk was, volgt de rechtbank dit niet. Verweerder heeft er in dit kader terecht op gewezen dat het gebrek aan seksuele voorlichting niet betekent dat eiser geen innerlijke beleving of persoonlijke overweging kon maken over zijn seksuele gerichtheid. Dat geldt ook voor de omstandigheid dat eiser nog niet zindelijk was. Verweerder heeft er verder terecht op gewezen dat eiser een volwassen man is die zijn eigen onderneming in Dubai heeft gehad (p. 5 nader gehoor), jarenlang heeft gewerkt (o.a. p. 36 nader gehoor) en enige opleiding heeft genoten (p. 5 nader gehoor). Gelet hierop mag van eiser worden verwacht dat hij uitgebreider kan verklaren over de ontdekking van zijn geaardheid. Verweerder stelt terecht dat eiser hier niet in is geslaagd en eiser aldus geen blijk heeft gegeven van een persoonlijke beleving.

4.2.

Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder zich verder terecht op het standpunt gesteld dat eiser oppervlakkig heeft verklaard over de meest bijzondere momenten binnen zijn relatie met [naam 11] , terwijl deze relatie twee jaar zou hebben geduurd. Zo heeft eiser uitsluitend als bijzonder moment benoemd dat (naast de verjaardag van [naam 11] ) hij op een zondag met [naam 11] naar rugby ging kijken en kip ging eten (p. 25 en 26 nader gehoor). Wanneer wordt gevraagd wat dit precies zo bijzonder maakte, verklaart eiser dat hij de sport nog niet eerder had gezien, dat ze ook wel is vis hebben gegeten, maar dat eiser het eten met de kip juist bijzonder vond (p. 26 nader gehoor). Verweerder stelt terecht dat eiser het bijzondere aan de ervaring niet koppelt aan [naam 11] , maar dat dit ziet op de omstandigheid dat er kip werd gegeten en dat eiser nog niet eerder rugby had gezien. Eiser is meerdere keren in de gelegenheid gesteld om meer over zijn relatie en de momenten met [naam 11] te delen, maar verweerder stelt terecht dat eiser in oppervlakkigheden blijft steken door zich te richten op de sport en het eten. Verweerder stelt terecht dat eiser er hiermee niet in is geslaagd om een authentiek beeld weer te geven van zijn relatie en wat deze relatie bijzonder maakte. Voor zover eiser stelt dat dit niet van hem kan worden verwacht omdat zijn relatie geheim moest blijven, heeft verweerder er terecht op gewezen dat dit eiser niet ontslaat van de verplichting om zijn gestelde homoseksualiteit aannemelijk te maken en hierbij enige omschrijving te geven over een bijzonder moment anders dan dat er kip gegeten werd en dat hij de sport niet eerder heeft gezien. Dat eiser niet meer kan verklaren over de bijzondere momenten in zijn – naar gesteld – eerste en enige relatie, heeft verweerder terecht negatief meegewogen in de beoordeling van de gestelde geaardheid en authenticiteit hiervan.

4.3.

De rechtbank stelt tot slot vast dat tussen partijen niet in geschil is dat eiser zijn asielaanvraag niet zo spoedig mogelijk heeft ingediend. Hij is immers op 3 maart 2023 Nederland ingereisd en heeft pas op 24 maart 2023 een asielaanvraag gedaan. Wel is in geschil of eiser hiervoor een verschoonbare reden heeft. In dit kader heeft verweerder er naar het oordeel van de rechtbank terecht op gewezen dat het niet kennen van de procedure geen verschoonbare reden is. Van iemand die stelt internationale bescherming nodig te hebben, en hierom ook het land heeft verlaten (p. 38 nader gehoor), mag worden verwacht dat hij direct actie onderneemt om die bescherming te krijgen. Dat eiser dit heeft nagelaten doet afbreuk aan de geloofwaardigheid van eisers gestelde vrees.

Tussenconclusie

5. Al gelet op de hiervoor genoemde tegenwerpingen, in samenhang bezien, heeft verweerder zich naar het oordeel van de rechtbank terecht op het standpunt gesteld dat de verklaringen van eiser over zijn homoseksualiteit en de problemen daardoor ongeloofwaardig zijn. Eiser heeft immers onaannemelijk en onsamenhangend verklaard over de ontdekking van zijn homoseksualiteit en zijn relatie met [naam 11] . De rechtbank laat de overige tegenwerpingen en de daartegen aangevoerde beroepsgronden (die liggen in het verlengde van eisers gestelde problemen vanwege zijn homoseksualiteit vanwege de gestelde betrapping met [naam 11] ) daarom onbesproken. De beroepsgrond slaagt niet.

6. Het beroep is ongegrond. Verweerder heeft de aanvraag terecht afgewezen als ongegrond. Eiser krijgt geen vergoeding van zijn proceskosten.

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. A.M.J. Adriaansen, rechter, in aanwezigheid van mr. A. Duijf, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op: 23 juli 2026.

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met de uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen 1 week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Verdrag betreffende de status van vluchtelingen

Eiser heeft verklaard dat [naam 14] de eerste man was voor wie hij gevoelens had (p. 16 nader gehoor). Dit was in 2016.

Artikel delen