Menu

Filter op
content
PONT Data&Privacy

0

ECLI:NL:RBNHO:2026:5465

Ambtshalve toetsing. Eindvonnis na akte. Referte eisende partij aan voorlopig oordeel omtrent oneerlijkheid incassokostenbeding. Vernietiging.

Rechtbank Noord-Holland 26 May 2026

Jurisprudentie – Uitspraken

ECLI:NL:RBNHO:2026:5465
text/xml
public
2026-05-26T12:04:01
2026-05-15
Raad voor de Rechtspraak
nl
Rechtbank Noord-Holland
2026-05-06
11474521 CV EXPL 25-16
Uitspraak
Verstek
NL
Haarlem
Civiel recht; Verbintenissenrecht

Rechtspraak.nl

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBNHO:2026:5465
text/html
public
2026-05-26T12:03:35
2026-05-26
Raad voor de Rechtspraak
nl
ECLI:NL:RBNHO:2026:5465 Rechtbank Noord-Holland , 06-05-2026 / 11474521 CV EXPL 25-16

Ambtshalve toetsing. Eindvonnis na akte. Referte eisende partij aan voorlopig oordeel omtrent oneerlijkheid incassokostenbeding. Vernietiging.

RECHTBANK NOORD-HOLLAND

Handel, Kanton en Bewind

locatie Alkmaar

Zaaknr./rolnr.: 11474521 CV EXPL 25-16

Uitspraakdatum: 6 mei 2026

Verstekvonnis van de kantonrechter in de zaak van:

KAV Autoverhuur B.V.

te Amstelveen

de eisende partij

gemachtigde: S. Baldinger

tegen

[gedaagde]

te [plaats]

de gedaagde partij

niet verschenen

<br /> 1De verdere procedure

1.1.

Bij tussenvonnis van 11 februari 2026 is de eisende partij in de gelegenheid gesteld zich uit te laten over het in dat tussenvonnis voorshands uitgesproken oordeel over de oneerlijkheid van een incassokostenbeding in de algemene voorwaarden. Ter uitvoering van dat tussenvonnis heeft de eisende partij een akte genomen.

<br /> 2De verdere beoordeling

Ambtshalve toetsing van de algemene voorwaarden

2.1.

Het tussenvonnis bevat een verschrijving. In het tussenvonnis is per abuis opgenomen dat ‘artikel 3 lid 3 en lid 4’ van de algemene voorwaarden zouden zijn getoetst. Het gaat om artikel 5 lid 3 en lid 4. Artikel 3 van de algemene voorwaarden heeft ook geen lid 3 en 4. Ook uit de in het tussenvonnis opgenomen tekst van het beding blijkt dat artikel 5 werd bedoeld.

2.2.

In de akte heeft de eisende partij zich gerefereerd aan het voorshands gegeven oordeel van de kantonrechter over de oneerlijkheid van het incassokostenbeding in artikel 5 lid 4 van de algemene voorwaarden. De kantonrechter ziet daarom en ook anderszins geen reden om daar nu anders over te denken en vernietigt dit beding. De buitengerechtelijke incassokosten zullen worden afgewezen.

Wat is toewijsbaar?

2.3.

De gevorderde hoofdsom en rente worden toegewezen, omdat deze vorderingen de kantonrechter niet onrechtmatig of ongegrond voorkomen. De gevorderde buitengerechtelijke incassokosten worden gelet op het voorgaande afgewezen.

2.4.

De gedaagde partij wordt (overwegend) in het ongelijk gesteld en zal daarom in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten voor het opstellen van de akte komen echter voor rekening van de eisende partij omdat het aan haarzelf te wijten was dat het nodig was om deze kosten te maken.

<br /> 3De beslissing

De kantonrechter:

3.1.

veroordeelt de gedaagde partij tot betaling aan de eisende partij van € 37,05, te vermeerderen met de wettelijke rente over € 31,56 vanaf 24 december 2024 tot aan de dag van de gehele betaling;

3.2.

veroordeelt de gedaagde partij tot betaling van de proceskosten, die de kantonrechter aan de kant van de eisende partij tot en met vandaag vaststelt op:

dagvaarding € 115,84;

griffierecht € 135,00;

salaris gemachtigde € 43,00;

3.3.

verklaart de veroordeling(en) in dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

3.4.

wijst de vordering voor het overige af.

Dit vonnis is gewezen door mr. J.J. Dijk en op bovengenoemde datum in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

De griffier De kantonrechter

Artikel delen