Uit een enquête van persbureau Reuters onder verschillende Europese privacytoezichthouders blijkt dat het merendeel van de waakhonden nog niet klaar is voor de nieuwe privacywetgeving, die per 25 mei in werking treedt.

Van de 24 partijen die op de enquête hebben gereageerd, geven zeventien aan onvoldoende financiering te hebben ontvangen of nog niet de bevoegdheden te hebben om de toezichtstaken fatsoenlijk uit te kunnen voeren. Isabelle Falque-Pierrotin, president van de Franse privacywaakhond Commission Nationale Informatique & Libertés (CNIL): “We hebben ons gerealiseerd dat de middelen die we hebben onvoldoende zijn om de nieuwe missie van de AVG aan te kunnen.” Het CNIL is in overleg met de Franse overheid om meer middelen ter beschikking te krijgen.
Slechts vijf Europese privacytoezichthouders geven aan dat zij reeds voldoende financiering en bevoegdheden hebben om hun taken vanaf 25 mei in alle volledigheid te kunnen uitoefenen. Elf privacytoezichthouders verwachten dat zij in de toekomst wel voldoende financiering en/of de benodigde bevoegdheden krijgen. De belemmering zit veelal bij de implementatie van de wetswijziging in de landelijke wetgeving, wat in veel landen achterblijft.
De Nederlandse privacytoezichthouder, de Autoriteit Persoonsgegevens (AP), heeft niet deelgenomen aan de enquête van Reuters. De privacywaakhond geeft echter in een reactie op het nieuws tegenover Nu.nl aan dat het AP zich zorgen maakt over zijn budget: “Het aantal aanvragen dat we nu hebben gekregen is al drie keer zo hoog als in dezelfde periode vorig jaar, en de wet moet nog van kracht worden.”
