Menu

Zoek op
rubriek
Data&Privacyweb
0

Bekendmaking identiteit zaaddonor mocht niet worden geweigerd

Donorkinderen en hun moeders die procederen over de bekendmaking van de identiteit van hun zaaddonor krijgen van de rechtbank Den Haag grotendeels gelijk. Stichting donorgegevens kunstmatige bevruchting (SDKB) en de kliniek moeten beoordelen of de redenen van de donor om anoniem te willen blijven zwaarwegend genoeg zijn. Zo niet, dan moeten zij de identiteit van de donor aan de kinderen bekendmaken. De rechtbank oordeelt dus niet dat die identiteit nu al bekend moet worden gemaakt.

2 jun 2021

Jurisprudentie – Samenvattingen

Identiteit donor

De kinderen zijn geboren na kunstmatige inseminaties in de jaren 1997-2000. In deze tijd vonden zaaddonaties meestal anoniem plaats. De moeders kozen echter bewust voor het zaad van een donor die met de kliniek had afgesproken dat zijn identiteit wél bekend zou mogen worden gemaakt. Hij mocht daar later alleen nog van afzien als daar zwaarwegende redenen voor zouden zijn.

Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting

In 2004 is de Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting (de Wdkb) in werking getreden.
Uitgangspunt van deze wet is dat het niet langer mogelijk is om anoniem zaad te doneren. Vanaf hun zestiende kunnen donorkinderen via SDKB de identiteitsgegevens van de donor krijgen, behalve als er zwaarwegende belangen van de donor zijn om zijn identiteit niet prijs te geven.
Voor donoren die zaad hadden gedoneerd vóórdat deze wet er was, zoals de donor in deze zaak, maakt de wet een uitzondering.  Zij mogen zonder opgave van reden weigeren dat hun identiteit bekend wordt gemaakt. Daarbij maakt de Wdkb geen verschil tussen donoren die anoniem hadden gedoneerd of een donor die er eerder mee heeft ingestemd dat zijn identiteit bekend zou worden.

Verzoeken afgewezen

De kinderen in deze zaak hebben eerst bij SDKB gevraagd om de identiteit van de donor. Zij hebben die niet ontvangen, omdat de donor aan SDKB heeft laten weten dat hij er bezwaar tegen heeft dat zijn gegevens worden verstrekt. Daarna vroegen zij de kliniek om deze gegevens, die dit verzoek ook afwees.

Navragen en beoordelen

De rechtbank is van oordeel dat SDKB de uitzonderingsregel in de Wdkb in dit geval niet mag toepassen, omdat dit in strijd is met het recht van de kinderen om te weten van wie zij afstammen. Dit recht is neergelegd in internationale verdragen (artikel 8 EVRM en 7 IVRK). SDKB moet in dit geval daarom de hoofdregel van de Wdkb toepassen. Dat betekent dat SDKB de identiteit van de donor aan de kinderen moet verstrekken, tenzij de donor zwaarwegende belangen heeft om anoniem te blijven. SDKB moet dit dus gaan navragen en beoordelen.
De rechtbank oordeelt verder dat de kliniek haar afspraken met de moeders moet nakomen en daarom ook de identiteit van de donor aan de kinderen bekend moet maken, tenzij zwaarwegende redenen van de donor zich daartegen verzetten.

Of SDKB en/of de kliniek de identiteit van de donor daadwerkelijk bekendmaken, staat hiermee nog niet vast. Dat is afhankelijk van de redenen van de donor om daarmee niet in te stemmen. Die zijn nu nog niet bekend.

Artikel delen