In het nieuwe kabinet komt waarschijnlijk een minister van Digitale Zaken, zo stelt GroenLinks-PvdA-Kamerlid Barbara Kathmann in gesprek met BNR Nieuwsradio. Zij zegt op basis van signalen uit de formatie dat deze bewindspersoon “er lijkt te gaan komen”. Hoewel er nog geen formeel coalitieakkoord ligt, past de mogelijke nieuwe post in de bredere politieke wens om digitalisering hoger op de Haagse agenda te krijgen.

Kathmann houdt zich al jaren bezig met digitale dossiers, waaronder platformmacht, cyberveiligheid en digitale grondrechten. Hoewel er nog geen coalitieakkoord ligt, wijzen signalen uit de formatie erop dat digitalisering voor het eerst een eigen ministeriële plek kan krijgen. Tegelijkertijd blijft onduidelijk of deze minister een volwaardig departement “van Digitale Zaken” krijgt, of een coördinerende rol “voor Digitale Zaken” bovenop andere ministeries.
Digitalisering loopt als een rode draad door vrijwel alle beleidsterreinen: van belastingen en sociale zekerheid tot rechtspraak, nationale veiligheid en zorg. Eerder is ervoor gekozen om digitalisering te verdelen over verschillende bewindspersonen, zoals de staatssecretaris voor Koninkrijksrelaties en Digitalisering en ministers op Economische Zaken, Justitie en Binnenlandse Zaken. Experts waarschuwen dat een losse “digitale” kolom het risico heeft dat digitalisering als apart dossier wordt weggezet, terwijl het juist integraal in beleid verankerd moet worden.
Bestuurskundigen benadrukken dat het verschil tussen een minister “van” en een minister “voor” Digitale Zaken cruciaal is voor de vraag of de functie meer dan symbolisch wordt. Een minister “van” beschikt over een eigen departement, begroting en formele bevoegdheden, terwijl een minister “voor” vooral afhankelijk is van coördinatie en overtuigingskracht richting andere departementen. In het licht van discussies over digitale soevereiniteit, cybersecurity en vastlopende IT-projecten is de vraag of de nieuwe minister voldoende mandaat, expertise en budget krijgt om daadwerkelijk te sturen.
