Het kabinet zet vol in op de implementatie van de European Health Data Space (EHDS). Deze nieuwe Europese verordening moet ervoor zorgen dat medische gegevens makkelijker en veiliger gedeeld kunnen worden voor zowel de directe zorg als voor wetenschappelijk onderzoek. Demissionair minister Jan Anthonie Bruijn (Volksgezondheid) ziet de EHDS als een "gouden kans" om het nationale gezondheidsinformatiestelsel te moderniseren.

De EHDS, die op 26 maart 2025 in werking is getreden, verplicht lidstaten om uiterlijk in 2031 volledig klaar te zijn voor digitale gegevensuitwisseling. Voor de burger betekent dit een flinke verschuiving: waar nu vaak nog expliciete toestemming nodig is voor het delen van data, wordt 'databeschikbaarheid' straks de norm, tenzij de burger zelf een beperking oplegt.
De verordening geeft burgers een reeks digitale rechten om de controle over hun eigen zorggegevens te versterken:
Het ministerie onderzoekt momenteel hoe bestaande diensten, zoals Persoonlijke Gezondheidsomgevingen (PGO’s) en MijnGezondheidsoverzicht (MGO), kunnen dienen als de officiële 'toegangsdienst' voor deze rechten.
Om de enorme datastroom in goede banen te leiden, is het kabinet voornemens een nieuw zelfstandig bestuursorgaan (zbo) op te richten. Deze organisatie zal twee belangrijke functies vervullen:
De komst van de EHDS heeft ook grote gevolgen voor de Nederlandse Wet elektronische gegevensuitwisseling in de zorg (Wegiz). Een opvallende wijziging is de manier waarop ICT-systemen in de zorg worden getoetst. Waar de Wegiz uitging van verplichte keuring door externe partijen, schrijft de EHDS een systeem van 'zelfbeoordeling' door leveranciers voor, vergelijkbaar met de CE-markering. Nederland zal zijn nationale wetgeving hierop aanpassen om dubbele regeldruk voor softwareleveranciers te voorkomen.
De invoering gebeurt stapsgewijs. In de eerste helft van 2026 gaat de eerste tranche van de implementatiewetgeving in internetconsultatie. De uiteindelijke wet, inclusief de regels voor de opt-out, moet uiterlijk 26 maart 2029 van kracht zijn. Na de zomer van 2026 zal de minister de Kamer verder informeren over de precieze invulling van de burgerrechten en de technische haalbaarheid voor het zorgveld.
Lees hier de Kamerbrief van minister Bruijn
