Het Europees Parlement heeft ingestemd met een verlenging van de tijdelijke regels die internetbedrijven toestaan om online materiaal van seksueel misbruik van kinderen op te sporen. Deze uitzonderingsregel op de Europese privacywetgeving blijft nu gelden tot 3 augustus 2027.

De huidige regeling zou op 3 april 2026 aflopen. Met de verlenging wil het Parlement voorkomen dat er een juridisch gat ontstaat, terwijl de Europese instellingen nog onderhandelen over een permanent wettelijk kader om online seksueel misbruik van kinderen beter te bestrijden.
Bij de stemming sprak een ruime meerderheid van de Europarlementariërs zich uit voor de verlenging: 458 leden stemden voor, 103 tegen en 63 onthielden zich.
Volgens het Parlement moeten de vrijwillige opsporingsmaatregelen van internetbedrijven wel gericht en proportioneel blijven. Zo mogen de maatregelen niet worden toegepast op end-to-end versleutelde communicatie, en mag het scannen van verkeersgegevens – naast de inhoud van berichten – niet worden toegestaan.
De technologie die bedrijven gebruiken om materiaal van seksueel misbruik van kinderen (CSAM) te detecteren, mag bovendien alleen worden ingezet voor beelden of bestanden die al eerder als mogelijk misbruikmateriaal zijn geïdentificeerd of gemarkeerd. Dat kan bijvoorbeeld gebeuren door gebruikers, gespecialiseerde organisaties of zogenoemde betrouwbare melders.
Daarnaast moeten de maatregelen zich richten op specifieke gebruikers of groepen gebruikers waarvoor een redelijk vermoeden bestaat dat zij betrokken zijn bij dergelijk misbruik.
Rapporteur Birgit Sippel (S&D, Duitsland) benadrukte na de stemming dat het aanpakken van seksueel misbruik van kinderen en het beschermen van grondrechten hand in hand moeten gaan.
Volgens haar is de verlenging een tijdelijk en strikt begrensd instrument, waarmee aanbieders hun vrijwillige opsporingsactiviteiten onder duidelijke voorwaarden kunnen voortzetten. Tegelijkertijd moet de regeling de bescherming van end-to-end encryptie respecteren.
Door het toepassingsgebied te beperken tot materiaal dat al is geïdentificeerd of gemarkeerd, ontstaat volgens Sippel een evenwichtig en juridisch houdbaar kader dat zowel de grondrechten beschermt als kinderen beter beschermt tegen misbruik.
Met de stemming heeft het Europees Parlement zijn positie vastgesteld en kan het onderhandelingen starten met de Raad van de EU over de verlenging van de tijdelijke vrijstelling.
De regeling werd eerder al in 2024 verlengd. Intussen werken de Europese instellingen aan een definitieve wetgeving om online seksueel misbruik van kinderen structureel aan te pakken. Het Parlement is al sinds november 2023 klaar om hierover te onderhandelen, en sinds november 2025 – toen de Raad zijn standpunt vaststelde – zijn de gesprekken over dat permanente kader in volle gang.
